Lekker zomers, toch?

Over autisme en weersomstandigheden

Logo MijnAutisme

De laatste dagen is het erg mooi weer, aldus alle mensen om mij heen. Aan de ene kant ben ik het met ze eens. De zon maakt me vrolijk, de vogeltjes fluiten, het is niet meer koud en dat bespaard ook nog eens energiekosten! Zolang ik binnen zit, is dit super fijn weer!

De vogeltjes fluiten, maar de buren ook

Ik ga “lekker naar buiten”, zoals iedereen mij steeds aan raad om te doen. Maar dan merk ik opeens allerlei prikkels op. Want die vogeltjes zijn niet de enigen die geluid maken. De ene buur is aan het bijkletsen met iemand, de ander is vrolijk aan het fluiten, een andere buur heeft een radio aan met zomerse muziek en weer een ander is druk bezig met het gras te maaien. Vergeet ook de blaffende honden niet en de lachende of soms huilende kinderen. En ook sommige vogels fluiten nou eenmaal niet zo mooi als dat ze zelf misschien denken. Onze agapornis Skittle is daar een goed voorbeeld van!

Ondertussen probeer ik mijn focus te verleggen. En dit lukt mij vaak wel voor een tijdje, maar dit kost wel flink wat energie. Zeker wanneer ik mij probeer te concentreren. Zo wordt buiten een boek lezen voor mij dus al lastiger. Even buiten is dus wel leuk, zolang ik er maar rekening mee houdt dat naar buiten gaan mij ook juist energie kan gaan kosten. Soms kost het naar buiten gaan mij meer energie, soms krijg ik er meer energie van. Het is dus een kwestie van een afweging maken.

En de buren? Die moeten vooral blijven doen wat ze willen doen. Iedereen heeft namelijk evenveel recht om naar buiten te gaan en te genieten! Zelfs wanneer het mij hierdoor wat meer energie kost.

Lekker warm

Buiten is het “lekker warm”, hoor ik de mensen om mij heen zeggen. Maar veel mensen met autisme schijnen onder- of overgevoelig te zijn voor temperaturen. Zelf ben ik erg gevoelig voor temperaturen. Ik heb het snel koud, maar kan ook snel last krijgen van de warme dagen. Mijn lichaam heeft moeite met het zweten door warmte (dit gaat prima bij stress of inspanning). Hierdoor raak ik snel oververhit. En bij kou heeft mijn lichaam moeite om vooral mijn handen en voeten op te warmen. Ik moet dus goed opletten dat ik mijn lichaam goed help met opwarmen en afkoelen.

Zon, zon en nog eens zon

Naast de vogeltjes, heb je natuurlijk een heerlijk zonnetje. Maar dit heerlijke zonnetje kan ook fel zijn voor je ogen en kan branden op je huid. Op zich zijn deze dingen op te lossen. Een zonnebril tegen de felle zon en zonnebrand of een schaduwplaats tegen het branden van de zon op je huid.

Voor mij zijn deze opties toch niet altijd even ideaal. Een zonnebril is best lastig wanneer je al een brildrager bent, zeker wanneer je sterkte vrij hoog is. Een parasol meenemen is ook niet altijd even handig en deze kun je ook niet altijd meenemen en opzetten. En dan heb je zonnebrand, het plakkerige, witte goedje. Waarvan ik denk dat de meeste mensen het insmeren met zonnebrand niet als een leuk taakje zien.

Gelukkig zijn er dus oplossingen, maar de oplossingen zijn vaak wel wat lastig of vervelend. Dit is natuurlijk niet altijd even erg, maar wanneer ik overprikkeld ben, vermijd ik de meeste van deze zaken toch liever. En is het dan allemaal ellende buiten? Nee tuurlijk niet. Door de zon maak je vitamine D aan en het kan je een stuk vrolijker maken. En het is natuurlijk “lekker warm” buiten en ook de mensen in je omgeving zijn vaak een stuk vrolijker.

Dilemma: water of zweet?

Dan heb je nog het dilemma: spring je in het water of blijf je stil zitten en hoop je op zo min mogelijk zweet? Zoals meer mensen met autisme, ben ik geen fan van water. Want, je raad het nooit, water is nat. Het laat je kleren en je haren overal aan plakken en ik vind het vaak ook nog eens te plotseling te koud. Zweten is daar en tegen niet zo koud, minder plakkend en minder nat, maar vaak wel weer stinkend en voelt niet fris. Ik vrees dat ik dit dilemma zal blijven houden en het zal afhankelijk zijn van de situatie wat ik zal gaan doen.

En stiekem, heel stiekem, is zwemmen soms wel een beetje leuk. Zeker wanneer je met een duikmasker naar de visjes kunt kijken, althans dat vind ik. Met een duikmasker op kan ik soms heerlijk een paar uur kijken naar de vissen. Uren lang, totdat de zon er een einde aan maakt en ik als een knalrood garnaaltje uit het water kom.

Waarom ga je dan naar buiten?

Grotendeels omdat de mensen om mij heen zeggen hoe fijn het buiten is en dat je nu lekker moet gaan genieten van de zon. Het voelt voor mij soms als een soort verplichting. Iets dat anderen zo graag willen, waardoor ik mij soms verplicht voel. Zeker wanneer je in een gezelschap bent. En vaak wanneer je met warm weer bij iemand op bezoek gaat, zitten deze mensen al buiten. Ik ben niet degene die dan snel aan zou geven liever binnen te zitten, want ik wil deze leuke zomerse momenten voor anderen niet verpesten. Wat ik wel doe is mijn belangrijkste grens aangeven, dat is het hebben van schaduw. Gelukkig snappen de mensen in mijn omgeving dat, zeker aangezien zij mij regelmatig als wandelend tomaatje zien in de zomer.

Maar naast dat ik mij dus soms verplicht voel, vind ik het soms ook best fijn om even naar buiten te gaan. Frisse lucht, blije mensen en een mooie blauwe lucht. Zolang ik mijn grenzen in de gaten blijf houden, kan ook ik heerlijk genieten van buiten!

Tot slot!

Niet iedereen zal zich in alle punten even veel herkennen. Er zijn ook vast genoeg mensen met autisme die het echt heerlijk vinden om naar buiten te gaan. Ik ben meer een binnen mens, maar ook ik kan niet alleen maar binnen zitten. Door naar buiten te gaan op de iets frissere dagen of tijden, mij goed in te smeren met zonnebrandcrème, door veel in de schaduw te blijven zitten en goed te blijven drinken, vind ook ik het heerlijk om even naar buiten te gaan!

Geniet van het mooie weer, op de manier die jij fijn vindt!